NAVO kiest definitief voor Amerikaanse software van Palantir

Nederland wil er juist vanaf

NAVO kiest definitief voor Amerikaanse software van Palantir

De NAVO gebruikt vanaf nu het Maven Smart System (MSS). Deze software is gemaakt door het omstreden Amerikaanse bedrijf Palantir. Het systeem is nu volledig operationeel schrijft de organisatie. De militaire alliantie kiest hiermee volop voor Amerikaanse kunstmatige intelligentie. Nederland zit hierdoor in een spagaat. Den Haag wil de software namelijk binnen twee jaar juist de deur uit doen, zoals we eerder schreven. De overheid maakt zich namelijk zorgen over de digitale soevereiniteit.

Die bereikte status is een belangrijke mijlpaal voor de digitale transformatie van het bondgenootschap. Het MSS is een platform met ondersteuning van AI. Het koppelt commando- en controlesystemen binnen de NAVO aan elkaar en het systeem werkt als een overkoepelende laag. Hierbinnen kunnen verschillende AI-modellen draaien. Voorbeelden zijn het Franse Mistral AI en het Amerikaanse Meta Platforms. Het doel is om operationele data sneller en beter te analyseren.

Volgens ambassadeur Jean-Charles Ellermann-Kingombe is data een strategisch bedrijfsmiddel. Hij is bij de NAVO verantwoordelijk voor cyber en digitale transformatie. De NAVO Security Accreditation Board heeft het systeem inmiddels goedgekeurd. Het platform krijgt volledige veiligheidsaccreditatie. Dat betekent dat de NAVO de software nu overal inzetten op haar geheime netwerken. Dit geldt voor oefeningen, missies en dagelijkse taken. Tot slot is te lezen dat het systeem het afgelopen jaar al veelvuldig is getest, waaronder tijdens een grote oefening STEADFAST DETERRENCE 2026.

De Nederlandse tegenbeweging

Het Nederlandse defensiebeleid op het gebied van het gebruik van Palantir is heel anders, zoals we al eerder schreven. Staatssecretaris Derk Boswijk maakte begin juni 2026 zijn plannen bekend. Nederland wil binnen twee jaar volledig stoppen met het gebruik van Palantir. De krijgsmacht zoekt naar Europese alternatieven. De Nederlandse defensie gebruikt Palantir overigens al sinds 2010. Volgens de politieke top gebeurt dat op dit moment wel heel beperkt. Het systeem is streng afgeschermd. Ook werkt de software alleen met nagemaakte of oude data.

De kritiek op Palantir groeit al langer. Het Amerikaanse bedrijf ligt onder vuur, onder andere doordat de directie nauwe banden met de regering-Trump. Ook profileert het bedrijf zich nadrukkelijk als ‘antiwoke’. Daarnaast is er ophef over de inzet van de software door Israël in Gaza. Palantir zegt zelf dat het zich netjes aan het internationaal recht houdt. Toch vindt de Nederlandse Tweede Kamer de geopolitieke risico’s te groot. Meteen stoppen kan echter niet, want dat zou direct zorgen voor gaten in de militaire bedrijfsvoering.

Lees ook: Defensie wil binnen twee jaar af van Palantir-software

Het soevereiniteitsdilemma

De situatie in Nederland laat een breder probleem zien. De wens voor digitale soevereiniteit in Europa is heel groot. Nederland bouwt daarom al aan een geheime eigen cloud met KPN en Thales. Voor complexe data-analyse en AI-oorlogsvoering mist Europa de juiste tools en daardoor blijven we afhankelijk van de Verenigde Staten. Franse admiraal Pierre Vandier waarschuwt hier ook voor. Hij stelt dat er nu simpelweg geen Europese concurrent is voor Palantir.

De aanpak in Europa verschilt wel erg sterk per land. Zo weigert Duitsland gebruik te maken van Palantir, terwijl Oekraïne de software juist massaal inzet voor het plannen van precisie-aanvallen. De NAVO kiest als collectief nu definitief voor de Amerikaanse software, maar voor Europese IT-bedrijven liggen hier grote kansen. Er is een namelijk een enorme markt voor betrouwbare alternatieven. Zolang die er niet zijn, blijft echte Europese autonomie in de defensiesector simpelweg een illusie.