CO₂-uitstoot datacenters stukken hoger dan gedacht

CO₂-uitstoot datacenters stukken hoger dan gedacht

De wereldwijde CO₂-uitstoot van datacenters bedroeg in 2025 naar schatting 286 megaton. Dat is 57 procent hoger dan eerdere ramingen van het IEA. Zonder verduurzaming verdubbelt die uitstoot richting 2030. Ook Nederland voelt de druk.

Datacenters zijn geen niche-speler meer op de energiemarkt. Volgens kredietverzekeraar Allianz Trade steeg de totale elektriciteitsvraag van datacenters wereldwijd in 2025 tot ongeveer 515 TWh. De aanjager is bekend, namelijk de opkomst van AI. Zonder snelle verduurzaming zou de mondiale CO₂-uitstoot van de sector tegen 2030 meer dan verdubbelen tot 643 megaton.

“De toename komt vooral door de opkomst van AI”, stelt Johan Geeroms, Director Risk Underwriting Benelux bij Allianz Trade. “In sneltreinvaart zijn ze uitgegroeid tot een cruciale speler in de mondiale stroomvraag.” Nederland hoort al jaren tot de digitale koplopers van Europa, met sterke internetknooppunten en een grote concentratie datacenters. Die voorsprong komt echter met een flinke prijs. De datacenter-dichtheid, gemeten naar oppervlak en inwonertal, behoort namelijk tot de hoogste ter wereld.

Fors aandeel in het Nederlandse stroomverbruik

Het rapport noemt een aandeel van circa 7 procent in het totale Nederlandse elektriciteitsverbruik. Cijfers van het CBS liggen iets lager: Nederlandse datacenters verbruikten in 2024 zo’n 5,1 TWh, oftewel 4,6 procent van het totale verbruik. Dat staat gelijk aan de stroombehoefte van bijna twee miljoen huishoudens. Opvallend detail is dat zo’n 45 hyperscalers circa 90 procent van die vraag voor hun rekening nemen.

In vijf jaar tijd verdubbelde het verbruik van de sector bijna. Netbeheerders houden er rekening mee dat het aandeel van datacenters richting 2030 kan oplopen naar zo’n 15 procent van de totale Nederlandse stroomvraag. Blijft verduurzaming van het net uit, dan komt de uitstoot van datacenters in Nederland volgens Allianz Trade uit op 4,73 megaton CO₂ in 2030.

Water als onderbelichte factor

Naast stroom en CO₂ wijst het rapport op waterverbruik. Wereldwijd verbruikten datacenters in 2025 naar schatting 814 miljard liter water, waarvan ongeveer driekwart indirect samenhing met elektriciteitsopwekking en de rest met koeling en chipproductie. Voor de Nederlandse markt komt de raming uit op 10,8 miljard liter per jaar.

“Water wordt in de discussie over AI en datacenters nog te vaak vergeten”, aldus Geeroms. De druk verschilt sterk per locatie. Zo verbruikt een gepland Microsoft-datacenter in het Amsterdamse havengebied naar verwachting zo’n 420 miljoen liter industriewater per jaar.

De spanning tussen AI-groei en verduurzaming speelt breder in de sector. Zo overweegt Microsoft zijn klimaatdoelen voor 2030 aan te passen door de energievraag van AI. Google legde eerder juist nog vijf waterbeloftes vast en wil in 2030 meer water aanvullen dan het verbruikt.

AI als deel van de oplossing

Geeroms benadrukt dat AI niet alleen het probleem aanjaagt. Volgens hem zijn met slimme toepassingen van AI de CO₂-uitstoot en het waterverbruik terug te dringen. Daarbij kan gedacht worden aan betere sturing van elektriciteitsnetten, efficiënter energiegebruik in gebouwen en minder verspilling in industriële processen. Per saldo valt met AI meer uitstoot te besparen dan de eigen infrastructuur veroorzaakt, stelt hij. “De sleutel is dus niet om AI af te remmen, maar om AI én de onderliggende datacenter-infrastructuur duurzamer te organiseren.”