De junior ontwikkelaar staat onder druk. AI-codingtools nemen steeds meer taken over die jarenlang golden als het klassieke instapwerk voor starters in IT. Wat begon als een productiviteitsboost voor ontwikkelaars, vertaalt zich vandaag in andere aanwervingsstrategieën. Signalen uit Silicon Valley klinken somber. Wij checken bij een lokale hogeschool en softwarebedrijf. “We merken dat er minder appetijt is voor het aanwerven van junior profielen.”
In de Verenigde Staten is de impact van AI op jonge ontwikkelaars alvast zichtbaar. Uit een uitgebreid en recent artikel in de Los Angeles Times blijkt dat zelfs voor afgestudeerden van de prestigieuze universiteiten hun IT-diploma niet langer een automatische toegangspoort is tot een job bij de grote techbedrijven.
Hertekening van teams
AI-tools zijn intussen in staat om sneller en consistenter code te schrijven dan beginnende programmeurs, terwijl ervaren engineers dankzij diezelfde tools hun productiviteit fors verhogen.
Het gevolg is een fundamentele hertekening van ontwikkelteams. Waar bedrijven vroeger grote teams van junior developers opbouwden, volstaan vandaag kleinere teams met ervaren profielen, ondersteund door AI-agents. Die realiteit vertaalt zich rechtstreeks in minder instapvacatures.
Instapniveau gaat naar AI
Die situatie zorgt ook binnen de academische wereld voor verbazing. “Zelfs Stanford-afgestudeerden informatica hebben het moeilijk om instapjobs te vinden bij de meest prominente techmerken. Ik vind dat waanzinnig”, aldus Jan Liphardt, associate professor bio engineering aan Stanford University.
Onderzoek van Stanford toont aan dat de tewerkstelling van jonge softwareontwikkelaars tussen 22 en 25 jaar sinds eind 2022 met bijna 20 procent is gedaald. Niet omdat softwareontwikkeling verdwijnt, maar omdat precies dat instapniveau steeds vaker wordt ingevuld door AI.
Ook bij ons: minder juniors (al komt dat niet enkel door AI)
Lokaal voelen onderwijsinstellingen en bedrijven eveneens de verschuiving, zo blijkt bij een kleine rondvraag. Al is het beeld genuanceerder.
Bart Vochten, coördinator software development en lector Toegepaste Informatica bij de Karel de Grote Hogeschool, wijst erop dat AI niet los kan worden gezien van de bredere economische context. “We zaten onlangs samen met een tachtigtal bedrijven om de verwachte competenties van onze afstuderende studenten te bespreken,” zegt hij. “De impact van AI kwam uiteraard aan bod.”
Volgens Vochten is de invloed van AI inderdaad voelbaar, maar valt die samen met een onzekere globale economische context. “Veel IT-projecten staan momenteel on hold en er wordt weinig op grote schaal geïnvesteerd, waardoor de impact van AI verweven is met — en mogelijk niet de hoofdreden vormt voor — de verminderde aanwervingen.”
Tegelijk ziet Vochten dat bedrijven het belang van instroom blijven erkennen. “Bedrijven beseffen dat ze juniors moeten aanwerven om op termijn niet zonder medior- en seniorprofielen te komen zitten,” stelt hij. “Er zal een blijvende nood zijn aan IT-experten, maar de lat komt wel hoger te liggen.”
Vraaggestuurde markt voor ontwikkelaars
Die hogere lat wordt ook bevestigd door PeopleWare en Marc Schijvaerts, director bij het softwaredienstenbedrijf PeopleWare.
Schijvaerts merkt dat er een structurele verschuiving in de arbeidsmarkt aan de gang is. “We zien een duidelijke shift van een aanbodgestuurde arbeidsmarkt naar een eerder vraaggestuurde arbeidsmarkt,” zegt hij. “Inherent hieraan is er meer instroom van medior en senior IT’ers dan voorheen. We merken dat er minder appetijt is voor het aanwerven van junior profielen. De schaarste op de IT-arbeidsmarkt is minder.”
Dat vertaalt zich concreet in lagere instroom van starters, ook bij zijn bedrijf PeopleWare. “Wij werven dus minder junior profielen aan dan voorheen”, erkent Schijvaerts, “maar instroom van jonge mensen blijft een belangrijke pijler binnen onze organisatie.”
Wat verwacht de markt vandaag van ontwikkelaars?
Volgens Bart Vochten van de Karel de Grote Hogeschool verschuift de kern van het ontwikkelaarsvak zichtbaar. De klemtoon ligt steeds minder op puur coderen. “De focus verschuift naar het integreren, evalueren en aanpassen van gegenereerde code en het aansturen van (coding) agents,” stelt hij.
Tegelijk blijft fundamentele kennis essentieel voor ontwikkelaars. “Basisconcepten blijven cruciaal. Elke lijn code moet nog steeds begrepen en verantwoord kunnen worden.”
Ook analyse- en architectuurdenken winnen aan belang. Studenten moeten, volgens hem, het grotere geheel leren zien en een helikopterview ontwikkelen. En dan zijn er natuurlijk ook nog de menselijke vaardigheden die even goed belangrijker zijn geworden. “Communicatie met klanten, kritische vragen stellen naar het waarom én samenwerking: al die vaardigheden worden steeds crucialer.”
Daar is de t-shaped ontwikkelaar
Die evolutie sluit aan bij de visie van Werner Vogels, de CTO van Amazon. Hij spreekt, ook in zijn voorspellingen voor 2026, bewust over moderne ontwikkelaars die T-shaped zijn: met diepe expertise in één domein, gecombineerd met voldoende brede kennis om samen te werken, context te begrijpen en afgewogen beslissingen te nemen.
Kortom, in een wereld waarin AI steeds meer uitvoerend programmeerwerk overneemt, wordt systeembegrip het onderscheidende vermogen. De junior ontwikkelaar verdwijnt niet, maar de instap in het vak vraagt sneller maturiteit en inzicht dan ooit tevoren.
Volgens Werner Vogels is dat inzicht doorslaggevend. “Een ontwikkelaar met maar één vaardigheid, die redt het niet in de toekomst”, stelt hij. “Je moet het systeem begrijpen waar je deel van uitmaakt, niet alleen de code die je genereert.”